Een Twitter widget configureren met de Twitter API 1.1

TwitterAPIDeze zomer heeft Twitter zijn API 1.0 met pensioen heeft gestuurd. Nu moeten Twitter widgets worden geconfigureerd met behulp van API-versie 1.1.

Een van de voordelen is dat anderen nu niet meer zonder jouw toestemming jouw Tweets op hun website kunnen plaatsen. Daarvoor was het kennen van jouw Twitter gebruikersnaam immers voldoende.

Het toepassen van API 1.1 heeft iets meer voeten in de aarde. In dit bericht laat ik zien hoe je dat doet. En je zult zien; als je het eenmaal weet, valt het reuze mee.

Maar allereerst: wat is nu een API? API staat voor Application Programming Interface. Oké, dat zegt nog niet zo veel. Zie een API als een koppelstuk.

Met behulp van een API kunnen externe partijen eenvoudig gegevens uitwisselen met programma’s en internetdiensten.

Dankzij de Twitter API kun je gepubliceerde tweets ophalen en publiceren op je website. Sommige plugins laten je zelfs direct vanaf de website publiceren naar je Twitter stroom.

Juiz Last Tweet Widget

Voor deze praktijkcase hebben we een Twitter widget nodig. Een van mijn favorieten is Juiz Last Tweet Widget – ik heb deze eerder genoemd in Enkele Handige en Gratis WordPress Plugins.

We zullen deze widget dan ook hier gebruiken. Je kunt de widget hier downloaden of installeren via WordPress >> Plugins >> Geïnstalleerde plugins; klik op de link Nieuwe plugin en zoek op ‘juiz’.

Zodra je de plugin activeert verschijnt er een boodschap:

Twitter 1.1 - 0 Geen Paniek

Klik op de link “de Juiz Last Tweet Widget instellingen pagina”. Je kunt deze pagina ook bereiken via Instellingen >> Laatste Tweet Widget.

Deze pagina bevat vier onderdelen:

  • Informatie
  • Twitter API 1.1 Instellingen
  • Algemene Instellingen
  • Customization

We zijn nu vooral geïnteresseerd in de instellingen voor de Twitter API. De gevraagde gegevens moeten we eerst zelf creëren op de Twitter.com. Dit proces omvat drie fasen:

  1. registreren van de applicatie
  2. creëren van het access token
  3. het kopiëren van de OAuth Settings

Registreren van de Applicatie

Laten we beginnen. Navigeer je browser naar https://dev.twitter.com/apps.

Om in te loggen gebruik je dezelfde gebruikersnaam en wachtwoord als voor je Twitter profiel. Ben je ingelogd, dan wordt begroet door je eigen profielfoto.

Twitter 1.1 - 1 Create ApplicationKlik op de blauwe knop [Create a new application]. Het Create an application scherm verschijnt. Hier registreer je de allereerst de details van jouw applicatie – in dit geval dus van je Twitter widget:

  • Name – vul hier de naam van je website in, bijvoorbeeld wpZaken (verplicht)
  • Description – een korte omschrijving (verplicht)
  • Website – de volledige URL van de site, bijvoorbeeld http://www.wpzaken.nl (verplicht)
  • Callback URL – de weblocatie waar wil je na autorisatie terecht wilt komen (optioneel)

Vervolgens moet je akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden, de Rules of the Road. Dat doe je door het aanvinken van Yes, I agree.

De derde stap is het invullen van de Capatcha.

Tenslotte klik je de blauwe knop [Create your Twitter application].

Zodra je op die knop klikt beland je op de Details pagina. Fase I is afgerond.

Creëren van het Access Token

Twitter 1.1 - 2 Access Token

Onderaan op de Details pagina vind je wederom een blauwe knop [Create my access token]. Klik op die knop. Hiermee wordt de zojuist gemaakt applicatie toegevoegd aan de door jouw geautoriseerde applicaties van je Twitter profiel (Instellingen >> Applicaties). Als je deze stap over slaat kun je dus je eigen applicatie niet gebruiken!

Indien gewenst kun je zelfs het pictogram van de applicatie zoals deze wordt getoond in het Twitter profiel aanpassen. Dat doe je via het tabje Settings.

Hier kun je eventueel ook de gegevens bijwerken zoals we die in de fase Registreren van de Applicatie hebben vastgelegd. Onderaan kun je ook de naam van je bedrijf invullen.

Met sommige plugins, zoals Jetpack, kun je vanuit WordPress berichten publiceren naar je Twitter stroom. In een dergelijke situatie kies je onder Applicatie Type op de Settings pagina voor Read and Write. Behalve lezen, wil je met de applicatie dan ook kunnen schrijven.

Kopiëren van de OAuth Settings

We hebben nu onze Twitter applicatie gecreëerd en geautoriseerd.

Nu moeten de volgende gegevens naar onze Twitter widget kopiëren:

  • Consumer key
  • Consumer secret
  • Access token
  • Access secret

Je vindt deze gegevens onder het tabje OAuth Tool van de Twitter applicatie.

Twitter 1.1 - 3 API Instellingen

Kopieer de inhoud van deze velden naar de Consumer Key, Consumer Secret, oAuth Token, en oAuth Token Secret onder de Twitter API 1.1 Instellingen van de Twitter widget.

Denk er aan dat je de Consumer secret en Access secret niet deelt met anderen.

Resetten van de Applicatie

Heb je dit per abuis toch de geheime sleutels gedeeld, of heb je het vermoeden dat iemand misbruik maakt van jouw applicatie, dan kun je heel eenvoudig nieuwe sleutels creëren.

Dat is een kwestie van de [Reset] knop klikken onder het tabje Reset keys. Vanaf dat moment worden de oude applicatiegegevens buitenwerking gesteld en moeten widgets die daar gebruik van maakten dus worden bijgewerkt.

De Laatste Tabjes

De gegevens van een Twitter applicatie zijn verdeeld over zes tabjes. Twee hebben we nog niet besproken. Allereerst @Anywhere domains. Hier kunnen we kort over zijn, deze functie is afgelopen maart buitenwerking gesteld; die kunnen we dus vergeten.

Blijft over Delete. Inderdaad, wil je een applicatie verwijderen, dan vind je daar de [Delete] knop.

De Twitter API 1.1 en Localhosts

Bij het creëren van een Twitter applicatie moet je de URL van de website opgeven waar je de applicatie wilt toepassen. Als je gebruik maakt van een lokale webserver, dan wil je waarschijnlijk ook de Twitter widget lokaal testen.

De voor de hand liggende URL is dan http://localhost. Helaas werkt deze niet. Neem in plaats daarvan http://127.0.0.1:8000 of http://127.0.0.1:8000/twitter/oauth.

Tot Tweets!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De volgende HTML-tags en -attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>